Sportblessure! Niemand zit erop te wachten, maar jaarlijks krijgen vele mensen in Nederland ermee te maken. Om effectief aan preventie te doen, is inzicht in het aantal en soort sportblessures onmisbaar. Bijgaand pdf (<link fileadmin/documenten/medische%20wetenschap/Medische%20weetjes.pdf – download>downloaden</link>) geeft voorbeelden van blessures en enkele tips voor hulp.

De statistiek
Bij ruim de helft van alle blessures wordt er geen eerste hulp geboden. Bij bijna een derde van de blessures wordt eerste hulp toegepast door de fietser zelf&nbsp;of door een andere fietser. De EHBO-post wordt tijdens toertochten nauwelijks geraadpleegd bij een blessure. Bijna de helft van de fietsers wordt naast eventuele eerste hulp behandeld door een (sport)fysiotherapeut voor de opgelopen blessure. Bijna de helft van alle blessures duurt één tot vier weken, en een derde langer duurt dan vier weken. Ondanks de relatief lange blessureduur en restklachten geeft tweederde van de fietsers aan dat ze na hun blessure wel weer op het oude sportniveau zitten. De meest voorkomende sportblessure is aan de knie. Tweederde van de blessures ontstaat plotseling en ontstaat meestal door een val.

Tips voor preventie en herstel:

  • Draag altijd een helm en stel deze goed af;
  • Draag handschoenen en een sportbril voor veiligheid en comfort;
  • Beheers het vast- en losklikken van je pedaal. Hiermee kun je onnodige valpartijen voorkomen (of vervelende gevolgen van een val beperken);
  • Houd zichtbaar en hoorbaar rekening met anderen;
  • Rijd nooit blindelings achter een ander aan;
  • Houd voldoende afstand;
  • Drink en eet op tijd, je lichaam heeft brandstof nodig om te presteren en alert te blijven;
  • Luister naar je lichaam bij vermoeidheid of pijn en neem gas terug;
  • Neem bij aanhoudende of terugkerende (pijn)klachten contact op met een sportzorgverlener;
  • Advies of begeleiding door een sportzorgverlener kan het herstel van een blessure versnellen en helpen om herhaling te voorkomen;

(Overgenomen uit de nieuwsbrief NTFU)